Getuigenis van Nora, slachtoffer van Loverboys
‘We zouden samen de top bereiken’

Nora is een knappe en intelligente vrouw met veel gevoel voor humor. Maar achter haar glimlach schuilt een gruwelijk verhaal vol drugs, agressie en uitbuiting. Twaalf jaar lang werd ze uitgebuit als prostituee door verschillende loverboys. Vandaag heeft ze volledig gebroken met het ‘milieu’ en wil ze jongeren waarschuwen voor de gevaren van loverboys.

Nora woonde als kind in een luxueus herenhuis in Antwerpen. Haar ouders, een hardwerkend koppel, waren amper of nooit thuis om voor haar te zorgen. Jarenlang werd Nora stilzwijgend achter de rug van haar ouders verkracht door haar grootvader. Het misbruik begon toen ze amper vier jaar was en duurde tot haar twaalfde. Het was een lijdensweg die een grote rol heeft gespeeld in het misbruik waarin ze later opnieuw zou terechtkomen.

Vluchten om te overleven
Mijn kindertijd was een nachtmerrie’, zegt Nora met haar blik in het oneindige. ‘Ik heb veel walgelijke zaken meegemaakt.’ Ze vertelt over het misbruik door haar grootvader, maar ook over de slechte verstandhouding tussen haar ouders. ‘Mijn moeder bedroog mijn vader, die een oogje toekneep om ons gezin samen te houden. Als kind leer je zo’n zaken normaal vinden.’

Je opvoeding bepaalt grotendeels de normen en waarden die je ontwikkelt als mens. Bij mij was dat heavy shit. De eenzaamheid thuis werd me te veel, en ook het jarenlange misbruik door mijn grootvader bleef door mijn hoofd spoken. Mijn onderbewustzijn kon dat niet meer aan. Iedereen heeft een natuurlijk ingebouwd verdedigingsmechanisme. Als een situatie je lichamelijk of psychisch teveel wordt, dan neem je een beslissing om te kunnen overleven. Dat kan ook een foute beslissing zijn.’

‘Ik liep weg van huis en ging op een goedkope, bouwvallige studio wonen. Ik had amper geld en hing steeds vaker rond op straat. Ik zocht er naar liefde en affectie, alles wat ik thuis niet kon vinden. Ik leerde Aziz H. leerde kennen, een knappe Marokkaanse jongen die veel show kon verkopen. Hij reed altijd traag voorbij in zijn luxewagen als ik met mijn vrienden op straat rondhing. Nu lach ik met zulke mannen, maar als zestienjarig meisje was ik onder de indruk. Hij had een mooi appartement en gaf me dure cadeaus zoals parfum, juwelen, kleding, etc. Uiterlijk vertoon betekende toen veel voor mij. Ik werd verliefd en ging bij hem wonen. Het leek wel een sprookje.’

‘Op een dag vroeg hij me plots om betaalde seks te hebben met zijn nonkel. We hadden dringend geld nodig dus ik ging akkoord. Het was een heel bizarre ervaring om als zestienjarig meisje voor een naakte man van zestig te staan. De herinnering aan het jarenlange misbruik door mijn grootvader hielp niet echt. Het was een walgelijke ervaring. Ik gebruikte toen nog geen drugs en was dus volledig nuchter. Toch was ik in een soort van rush, een vreemde geestesgesteldheid waarin je beland door je wil om te overleven. Betaalde seks was op dat moment easy money. Hoe kon ik anders eten? Ik was zestien en verdiende amper geld als leercontract. Aziz was werkloos.’

Samen bouwen aan geluk
Nora raakt stilaan verstrikt in de netten van haar loverboy. Zonder dat ze het goed en wel beseft isoleert hij haar steeds meer van haar vrienden en maakt hij haar afhankelijk van cocaïne, een drug die hij zelf op regelmatige basis gebruikt. Uit getuigenissen van andere slachtoffers bij Payoke blijkt dat loverboys werken volgens een vast patroon: cadeaus, verliefdheid, drugs, en als laatste stap: de introductie in het prostitutiemilieu.

‘Aziz zei: ‘‘Je kan er veel geld mee verdienen. Je bent mooi, dat gaat ons veel geld opbrengen.” De broer van Aziz vertelde ook altijd stoere verhalen over zijn verleden in de Antwerpse prostitutiewereld. Iedereen reed volgens hem in de jaren tachtig rond met een Mercedes of Ferrari. En ook al waren die gouden tijden wat geminderd, de prostitutie was nog altijd booming business. Zijn woorden klonken als muziek in mijn oren. Ik wilde ook in luxe leven en voorgoed van al mijn geld- en kopzorgen af zijn. Prostitutie leek op dat moment dé oplossing. Mijn beslissing was gemaakt. Ik werd prostituee.’

‘Ik ging aan de slag in een prostitutiebar in Gent en trok meteen veel klanten aan. Vermits ik veel geld verdiende verhuisde ik samen met mijn vriend naar een luxueus appartement. Ik droeg niets anders dan dure merkkledij. De cocaïne maakte de job draaglijk. De eigenaars van die bar hebben massa’s geld aan mij verdiend. Dat doen ze vandaag overigens nog steeds, maar dan op de rug van andere naïeve meisjes die de stap naar het prostitutiemilieu wagen. Ik heb toen veel van zulke meisjes leren kennen. Vriendinnen kon ik hen niet noemen, want door mijn hoge inkomsten was er veel jaloezie. Er werkten meisjes die echt helemaal niets hadden. Sommige van hen mochten op het appartement van mij en mijn vriend blijven slapen. Aziz wilde er meestal seks mee. Dan verwatert de vriendschap natuurlijk. Dan heb je geen vriendinnen meer.’

Het is heel bizar hoe je normen geleidelijk aan vervagen. Ik vond het niet erg dat hij met die meisjes sliep want ik werkte in de seksindustrie. Er waren ook klanten die triootjes wilden dus wat kon ik hem verwijten? Wat ik deed op mijn werk werd daarna ook in mijn privéleven de normaalste zaak van de wereld. Ik had geen zelfrespect meer. Op dat moment wist ik niet eens wat dat woord betekende. Aziz gaf me zelfs tips over de tarieven die ik mijn klanten moest aanrekenen. Het klinkt bizar, maar op dat moment apprecieerde ik zijn ‘advies’. Ik beschouwde het als oprechte hulp van zijn kant. We gingen iets moois opbouwen. We zouden samen de top bereiken.’

Kom, snuif een lijntje
Nora verdient veel geld in de prostitutie. Heel veel geld. Ze heeft er geen problemen mee dat Aziz een volmacht heeft op haar bankrekening. Hij is tenslotte haar grote liefde. De Mercedes en BMW staan op naam van haar vriend. Maar plots merkt Nora dat er iets niet klopt. Steeds vaker verdwijnen er grote sommen geld van haar rekening en kritische vragen daarover worden niet bepaald in dank afgenomen.

Ik verdiende ongeveer zevenhonderd euro per nacht. Geweldig toch? Dan heb je geen geldzorgen meer’, zegt Nora met een glimlach. ‘Als ik geld voor kleding of nagels vroeg, dan gaf hij me dat ook. Aziz was niet dom hoor. We genoten allebei van onze dure levensstijl. Hij kleedde zich als een echte gangster: een dure Rolex, een gouden ketting en een peperdure jas. Op tien jaar tijd hebben we honderdduizenden euro’s uitgegeven aan drugs, alcohol en feestjes. Maar onze rekening was vaak onverwacht leeg. Wanneer ik hem daarover kritische vragen begon te stellen dan werd hij kwaad. Ik voelde me dan schuldig. Als je niets anders dan merkkledij draagt en een slordige 250 euro per week uitgeeft aan nagelpedicures. Heb je dan nog het recht om te klagen over geld?’

‘Hoe meer ik verdiende, hoe meer Aziz zijn gedrag begon te veranderen. Hij werd jaloers en beschouwde mij als zijn eigendom. Ik had geen sociaal leven meer en werd voortdurend door hem gecontroleerd. Ik had drie gsm’s: één voor belangrijke klanten, één voor normale klanten en één voor mijn familie. Aziz hield ze allemaal in het oog. Na mijn job in de bar ging ik aan de slag in de Gentse raamprostitutie. Aziz had in de buurt van mijn vitrine een vriend rondhangen die ook pooier was. Die man hield mij goed in het oog. Ik vluchtte ondertussen steeds vaker weg in mijn drugswereldje en snoof elke nacht zo’n drie à vier gram. Aziz gaf me bewust cocaïne. “Kom, snuif een lijntje”, zei hij altijd. “We gaan ons ontspannen.”’

‘Na mijn werkuren gingen we op restaurant. Daarna reden we naar onze dealer en vervolgens rechtstreeks naar huis om te snuiven. Die routine heeft zeker acht jaar geduurd. Elke dag opnieuw. Dat is toch verschrikkelijk? Eigenlijk was hij niet goed wijs. Hij kwam uit een marginale Marokkaanse familie vol pooiers, dealers en junkies. Ze deden allemaal alsof hun levensstijl de normaalste zaak van de wereld was. Zijn familie en vrienden waren op de hoogte van mijn werk in de prostitutie, maar dat wist ik niet. Ze hebben dat al die tijd voor mij ver-zwegen. Soms vroegen ze me zelfs wat voor werk ik deed. Dan zei ik hen dat ik voor Belgacom werkte. Ze speelden allemaal een rolletje. Het was één grote cinema.’

Bont en blauw
Nora vermoedt dat haar vriend veel geld naar zijn familie doorsluist. Die vermoedens zijn moeilijk te achterhalen. Aziz laat geen elektronische sporen na (overschrijvingen), maar haalt wel wekelijks pakken cash geld af van haar rekening. Nora’s gevoelens voor Aziz, in combinatie met een escalerende cocaïneverslaving, zorgen ervoor dat ze al die tekenen aan de wand negeert. Ondertussen wordt haar vriend ook steeds agressiever.

Naast het snuiven van coke dronken we ook één à twee flessen wodka per dag. Aziz werd dan onuitstaanbaar. Als hij gedronken en gesnoven had wou hij altijd seks met mij hebben, maar dat wilde ik helemaal niet. Ik had al een hele dag mensen bovenop mij liggen. Dan heb je ‘s avonds nood aan rust. Seks met Aziz was verschrikkelijk. De sfeer in huis was eerder een moordzuchtige spanning. Hij sloeg me meermaals bont en blauw, bezorgde me gekneusde ribben, een hersenschudding, een gebroken neus, en zo kan ik nog wel even doorgaan. Hij verwoestte tienduizenden euro’s aan interieur. Gloednieuwe televisietoestellen smeet hij binnen de kortste keren door het raam de straat op. Pas op, ik was ook niet de makkelijkste hoor. Ik vocht terug. Maar tevergeefs. Aziz woog honderd kilo. Door mijn uit de hand gelopen cocaïnegebruik woog ik er nog amper zestig.’

Onze buren deden alsof ze niets hoorden, ook al riep ik om hulp. Ze hebben geen enkele keer de politie gebeld. Toen Aziz mijn neus brak door mij met mijn hoofd tegen de muur te slagen heb ik ze zelf opgebeld. Ze kwamen ter plaatse en vroegen mij om de woning te verlaten. Ik werd uit mijn eigen appartement gezet! En dat terwijl alles met mijn geld werd betaald. Ik ging door het lint. Er kwam nog meer politie. Ze hebben Aziz dan voor een uurtje buitengezet. Ik kreeg de tijd om mijn spullen bij elkaar te pakken en te vertrekken. Ik ging enkele weken terug naar mijn ouders, maar keerde uiteindelijk weer terug naar mijn vriend. Waarom? Omdat ik verslaafd was aan de coke. Maar ook omdat Aziz mij chanteerde. Hij dreigde ermee mijn familie in te lichten over mijn job als prostituee. Op een dag kwam hij stomdronken mijn zus tegen op straat. Hij riep: “Nora is een hoer! Ze staat achter een vitrine!” Mijn zus heeft toen alles tegen mijn ouders verteld.’

‘Jarenlang heb ik mijn activiteiten als prostituee tegenover mijn familie ontkend. Ik loog tegen hen en werkte ondertussen gewoon verder. Ik kan mijn vader nog altijd moeilijk recht in zijn ogen kijken. Dat zal waarschijnlijk zo blijven voor de rest van mijn leven. Ik heb het ergste gedaan wat een dochter haar vader kan aandoen. Het is moeilijk om nu te analyseren hoe ik dat toen allemaal heb klaargespeeld. Als ik niet verslaafd had geweest aan de coke dan had ik nooit zo afhankelijk van Aziz geweest. Daar ben ik zeker van. Dan had die miserie nooit tien jaar geduurd. Op een dag schoot de broer van Aziz een jongen dood. Op dat moment wist ik dat ik voorgoed met Aziz en zijn familie moest breken. Dat heb ik dan ook gedaan. Ik vind het jammer dat ik die beslissing pas zo laat heb kunnen nemen. Tien jaar lang ben ik bij die jongen gebleven. Tien! Dat is mijn jeugd, mijn identiteit. Ook al haat ik hem, toch is hij een onderdeel van mijn persoonlijkheid geworden. Dat is verschrikkelijk.’

Eindelijk kan Nora zich na zoveel jaren uit de klauwen van Aziz wurmen, maar de geschiedenis lijkt zich te herhalen. Ze wordt als snel verliefd op Nordin B., een Turkse pooier die beweert dat hij een bouwbedrijf heeft. Die firma is eigenlijk in het bezit is van zijn broer. Maar dat weet Nora niet. Later zal ze ontdekken dat hij er zelfs een vrouw en kind op nahoudt. Ondanks haar verleden met Aziz gelooft Nora alle blaasjes die haar nieuwe vriend haar wijsmaakt. ‘Hij had mooie ogen en kon het goed uitleggen’, zegt Nora. ‘Hij was veel kleiner dan mij en had een BMW waarin je zijn hoofd amper boven het stuur zag uitsteken.

Ik begrijp nog altijd niet hoe ik op hem verliefd ben kunnen worden. Hij was een gek. Zo hing hij ooit naast mij in de auto uit het raam met een 9 mm in de lucht te schieten. Ik heb onvoorstelbare zaken met die gast meegemaakt. Op een dag werd het met teveel. Hij eiste voor de zoveelste keer dat ik al mijn geld aan hem gaf, maar ik had er genoeg van. Ik nam zijn vuurwapen van het nachtkastje en liep hem ermee achterna op straat. Ik zag hem nooit meer terug.’

Nora snapt niet hoe ze verliefd is kunnen worden op Nordin. Ze denkt dat haar cocaïnegebruik en de invloed van de seksindustrie er zeker voor iets tussen zitten. Maar ook het misbruik van haar grootvader speelde een grote rol in haar vatbaarheid voor loverboys . Die stelling is niet uit de lucht gegrepen. Bij Payoke merken we dat veel slachtoffers van seksuele uitbuiting reeds als kind werden misbruikt. Ze gaan in hun pubertijd op zoek naar liefde en affectie bij dominante personen omdat ze zich bij hen veilig voelen. Zo komen ze in een vicieuze cirkel terecht.

Cirkels van geweld
Ook Nora valt op stoere mannen. Ze geven haar een gevoel van bescherming. Niet lang nadat ze Nordin B. had weggejaagd leert ze Orkan D. kennen, een portier van Turkse origine. Nora denkt dat hij de man van haar leven is. Hij blijkt echter een ziekelijk jaloers kantje te hebben.

Ik had een hoge levensstandaard, woonde in een luxevilla en verdiende veel geld. Als ik ’s morgens aan mijn vitrine kwam stond er een lange rij mannen te wachten. Ze kwamen speciaal voor mij. Overdag had ik het dus druk en was ik meestal onbereikbaar. Dat kon Orkan niet hebben. “Vuile hoer!”, dat heb ik wel duizenden keren naar mijn hoofd geslingerd gekregen. Hij kwam nooit in de prostitutiebuurt. Hij haatte prostituees. Hij wilde dat ik brak met het milieu. Dat deed ik ook voor hem. Maar die beslissing had natuurlijk financiële gevolgen. Daarom begon hij coke te dealen, en ik moest meehelpen natuurlijk. Uiteindelijk ging ik terug aan de slag als prostituee. Hij bleek er dan toch geen probleem mee te hebben omdat ik dan coke voor hem kon verkopen aan andere prostituees.’

Orkan heeft me zwaar uitgebuit. Hij had geen geld. Onze huishuur, auto’s, kleding, etentjes, ik betaalde alles. Bizar genoeg wilde hij mijn geld nooit cash aannemen. Dat was vuil geld. “Hoerengeld”, noemde hij het. Maar de factuur van zijn vakantie naar Turkije mocht ik wel betalen. Daar had hij dan weer geen problemen mee. Wat een ziekelijke mentaliteit. Hij kwam net als Aziz uit uit een marginale familie, één met veel agressie. Elke keer als ik er genoeg van had en hem de waarheid zei kreeg ik slaag. Orkan beoefende gevechtsport. Als we ruzie hadden dan sloeg hij met zijn vuist recht op mijn neus. Toen ik ontdekte dat hij me bedroog met een ander meisje ben ik bij hem vertrokken. Ik was razend. Voor mijn vertrek stelde ik hem nog voor de keuze: ik of dat meisje. Hij sloeg me verrot.’

‘Tot op de dag van vandaag is het nog steeds moeilijk om te beseffen dat iemand je zo heeft misbruikt. Wat Aziz en Nordin mij hebben aangedaan, dat kan ik nog plaatsen. Dat doet me eigenlijk niet zoveel meer. Maar toen ik Orkan leerde kennen dacht ik dat hij de ware voor mij was. Dat doet pijn. Veel pijn. Ik ben er nog altijd niet goed van. Als ik hem op straat zou tegenkomen dan bega ik een ongeluk. Na alles wat hij me heeft aangedaan zou ik mezelf niet kunnen beheersen.’

Een nieuw begin
Nora had er genoeg van: de coke, het geweld, de prostitutie. Haar leven was een nachtmerrie geworden waaruit ze wilde ontwaken. Om daarin te slagen bracht Payoke haar in contact met een ontwenningskliniek. Daar bevestigden hulpverleners electroden achter haar oren om zo haar lymfesysteem te herstellen. Dat functioneerde niet goed meer door het extreme cocaïnegebruik. Ook haar neus was zwaar toegetakeld door het snuiven en de rake klappen van haar loverboys. Nora onderging een pijnlijke operatie, waarbij een stuk bot van haar ellenboog werd gebruikt om haar neusbeen te herstellen.

Wanneer je grote hoeveelheden coke snuift, dan kom je in een soort van tunnelvisie terecht. Dat besef je niet zolang dat gif nog in je lichaam zit. Ik heb veel geluk dat ik na al die jaren drugs en miserie er nog altijd degelijk uitzie en nog steeds bij mijn verstand ben. Het afkickprogramma kostte mij enkele duizenden euro’s maar heeft blijkbaar goed geholpen. Ik gebruik al twee jaar geen cocaïne meer, ik woon terug bij mijn ouders en heb zelfs een vriendje. Geen stoere, brede gangster deze keer, maar een lieve, slanke en intelligente jongen. Breken met het milieu en alles wat errond hangt is grotendeels een kwestie van wilskracht. Mijn besluit stond vast. Ik moest en zou voorgoed stoppen met dat hondenleven.’

‘Mijn ouders zijn natuurlijk heel blij dat ze hun dochter terug hebben. Ik ben clean en niet langer actief in de prostitutie. Mijn vader en moeder zijn ondertussen gescheiden, maar we hebben nu allemaal een veel hechtere band met elkaar. Ik heb veel geluk dat ik bij hen terechtkon na mijn breuk met het prostitutiemilieu, anders had ik waarschijnlijk terug achter mijn vitrine gezeten. Veel andere meisjes hebben dat sociaal vangnet niet. Bij hen loopt het vaak slechter af. Daarom zou ik graag voordrachten geven op middelbare scholen. Jongeren moeten elkaar meer helpen. De meeste prostituees beginnen op jonge leeftijd en luisteren beter naar iemand die even oud is als hen. Jongeren moeten signalen van uitbuiting leren herkennen en niet langer onverschillig staan tegenover elkaars leed.’

Kleine pimps and bitches
Bij Payoke merken we dat slachtoffers laten participeren in de strijd tegen uitbuiting een goed hulpmiddel kan zijn voor hun traumaverwerking. Ze hebben het moeilijk met alle onrechtvaardigheid waarmee ze geconfronteerd zijn en willen daar een impact op kunnen hebben. Zoals het sensibiliseren van jongeren bijvoorbeeld, voor Nora een heel belangrijk thema.

‘Loverboys profiteren van de sociale kloof tussen arm en rijk. Ze verleiden hun slachtoffers met glamour en glitter. Ik was vroeger heel materialistisch, en vandaag zijn veel tieners dat ook. Dat is een belangrijke reden waarom loverboys zo succesvol zijn. Op televisie zie je niets anders dan reclame voor merken zoals Gucci en Prada. Dat zijn zaken die je met een normaal inkomen niet kan kopen. Vooral kansarme jongeren staren zich blind op al die onbereikbare rijkdom. Ze willen dure merkkledij dragen, af en toe eens onder de zonnebank liggen en met een dure auto rijden.’

Het materialistisch denken is volledig doorgeslagen in onze samenleving. Mensen zijn producten geworden. Koopwaar. Op televisie krijgen tieners een hele dag te horen dat je snel rijk moet worden en vrouwen gerust mag uitbuiten. Het pooierschap is een trend geworden. Een hype. Als je succesvol wil zijn dan moet je massa’s geld hebben en twee chickies naast je. Dán ben je cool. Jongeren die thuis geen op-voeding krijgen zijn vatbaar voor zulke ideeën. Ze aanbidden wereldsterren die met hun verheerlijking van de pooier-cultuur het foute voorbeeld geven.’

Maar daar heeft 50 cent weinig last van. Er is echt niets cool aan het ophalen van twee meisjes in de Schippersstraat met je luxewagen. Dat wil ik jongeren duidelijk maken. Die mooie auto en die knappe meisjes zullen uiteindelijk verdwijnen. Maar ondertussen heb je wel twee mensen de vernieling ingeduwd.’

Tekst: Nick Craeymeersch

Comment